Een fijn, stormachtig herfstweekend samen in november. Als we iets te vieren hebben is de woonwagen ons lievelingsplekje, weg van de buitenwereld op het erf van de boer in Friesland.

Terwijl het buiten guur en koud was, gooide hij binnen in ons kleine hutje houtjes op het vuur. Zette ik de thee en
luisterden we naar de woeste storm. Genoten we van de rust en van het samen zijn.

In de avond waren we omringd door elkaars cadeautjes, lekker eten en gedichtjes. doopten we groenten en stokbroodjes in de kaasfondue en proosten we met de rest van de witte wijn.
We proosten op ons jaar lang verkering!

Al een jaar lang maakt hij me het gelukkigste meisje.


Het knapperende haardvuur, de kaarsjes die ik had aangestoken, mijn dikke sokken
en vooral zijn liefde hielden mij deze dagen warm.










Nadat we lachend de afwas met maar een heel klein beetje water hadden gedaan zondagmorgen, bezochten we mama en de poezenfamilie.

Twee van de katjes hebben een nieuw baasje, Vlier en Sinne wonen nog thuis.

Maar de baasjes van Vlier z'n broertje gingen een weekendje weg en dus hadden we het weekend een poezenlogeetje op bezoek!

De broertjes speelden, stoeiden en sliepen samen. Sinne mopperde een beetje achter ze aan en keek suffig naar haar staart die door haar kindertjes werd aangevallen. Het zijn toch zulke lieverdjes.








 

In een prachtig klein cafeetje in de stad, aan een tafeltje van hout met daarop wilde veldbloemen en onze twee kopjes kruidenthee, ontmoette ik eindelijk die lieve Jade.
Het was zo'n fijne ontmoeting, we praatten en lachten over hoe Vlaams ik 'Amai' vond en hoe Nederlands zij 'jeetje'.

Na afloop wandelden we door een straatje in het mooie oud bagijnhof, plukte ik een bloem en deed hem in mijn haren, fotografeerde zij mij voor haar  blog project 'koffieklets' waarbij ze mensen interviewt over wat ze doen en maken.

(lees hier het 'koffieklets' artikel van Jade op haar blog)
 





 Fotografie: Jade Vranken ©






























Misschien herinneren jullie het nog:
Iets meer dan een jaar geleden lag er Ć©Ć©n klein wonder te spinnen op het kleed in de zon. We vonden haar meteen al het liefste en mooiste poesje ter wereld en we noemden haar Sinne. 

Onze Sinne, inmiddels de poezenschoonheid van de straat heeft afgelopen voorjaar waarschijnlijk een charmante rode heer ontmoet, en van het een kwam het ander:


In de nazomerdagen beviel ze van drie rode pluizenbolletjes! 
En dus hebben we nu,een jaar later en opeens vier poezenwonderen in huis. 
Ze zijn zo bijzonder mooi en zoet!

De dagen waarop ik thuis was, ben ik vastgekluisterd aan de kartonnen doos in de keuken. Het huisje van de poezenfamilie. Daar vergat ik de rest van de wereld en keek ik eindeloos glimlachend en vol geluk en liefde naar het tafereel. 
Ik maakte nog nooit zoiets bijzonders mee!








De drie babytjes deden de eerste dagen niets anders dan samen dromen en melk drinken bij mama.
Na ongeveer anderhalve week keken ze de wijde wereld in.























Nog een week later konden ze al heel zachtjes spinnen. Sinne spint de hele dag door, sinds de kleintjes uit haar buik waren gekomen.
Sinds een paar dagen maken ze hun eerste wankele stapjes door de keuken!










En nu ze al weer wat groter zijn spelen ze stoeipartijtjes met elkaar (en vallen daarbij in slaap.)
Ze houden elkaar warm en woelen in mama's vacht.
Is het geen pracht?














Twee keer achter elkaar ging het mis bij de Hema met het ontwikkelen van mijn analoge zomerfoto's, het kleine flitsklepje bleek achteraf waarschijnlijk niet goed dicht te zijn geweest telkens, want aan de zijkanten van elke foto waren gekke oranje vlammen te zien. Ik nam de half mislukte foto's mee naar een bankje in de botanische kruidtuin in de stad en knipte voorzichtig de vlammen weg aan de zijkanten. Ik droeg een sjaal want de wind was al een beetje herfstig.
Bij zomerfoto's hoort herfstwind.


Uiteindelijk ben ik toch nog heel blij met het resultaat met de weggeknipte oranje vlammen!














































































Het was een zomeravond, een zondag in juli. Wies en ik hadden ons tentje weer opgezet in de appelboomgaard van de leuke verstrooide boer met zijn boerderijtje buiten de stad.
De kippen scharrelen om ons heen en de koeien loeiden, de meisjes zwierden door het weiland.
Wies nam plaats in het gras. En we dronken wijn achter een van de boer zijn oude hooiwagens, lachten de hele avond en plonsten s'ochtendsvroeg in het water.


Grote zomeravonturen samen


Voordat we naar Straatsburg door zouden gaan stopten we bij Clervaux, het mooie oude kastelen stadje in Luxemburg waar ik het in de vorige post over had.
Het zat vol zoete pandjes, zachte kleuren, mooie bloemstruiken en oude ramen.
We aten veel te dure ijsjes die helemaal niet lekker waren maar wel mooi bij mijn rokje stonden. En trokken door naar Straatsburg.











 















Hij fotografeerde mij bij de afgebrokkelde roze muren. Eerst gaf hij me tientallen aanwijzingen over waar ik precies naartoe moest kijken.
Ik droeg mijn grappige tweedehands zonnebrilletje dat misschien ook nog wel door een dame in de jaren zestig is gedragen.




Als ik deze foto zie weet nog hoe fijn ik me voelde, hoe onze harten gevuld waren met liefde die dagen in Straatsburg. Aan zijn hand nieuwe steden ontdekken maakt me zo gelukkig.


Nora's appartementje in het centrum van Straatsburg was niet alleen prachtig ingericht, maar zat ook vol mooie plekjes en hoekjes.
Wanneer je naar de wc wilde, moest je eerst via de keuken door de erker, waar je uitkeek op de stad en de tuinen van de buren.
Ik fotografeerde hem in de morgen terwijl het water opstond voor de thee, de zon scheen glimpjes op zijn mooie rug. 





Tijdens de lange reizen maakten we veel tussenstops bij bloemenvelden en uitkijkpunten.
De bovenste foto is nadat het dappere fiatje meters had geklommen, en we een stuwmeer hoog in de bergen vonden.
De bloemetjes waren op een regenachtige en mistige dag, terwijl we de benen strekten.



Lange smalle weggetjes die uitkomen op het grote meer had je in de Franse Alpen heel veel. Er was er een op de camping waar we een paar nachten stonden en hij fotografeerde me op een van deze verstopte plekjes vlak voordat we doorgingen, nog verder naar het Zuiden.





































Turijn was te warm, maar oh zo mooi en oh zo Italiaans. We slenterden door de warmste straatjes en ik fotografeerde hem met zijn gestreepte shirt, hij mij terwijl ik de trap opliep naar een kathedraal.
Hier waren onze laatste dagen van het geweldige avontuur samen.




Mogelijk gemaakt door Blogger.